Beta
BWBR0004084
BWBR0004084 — Aanwijzing als werkgever en uitzondering verzekeringsplicht werknemersverzekeringen
Beta. Legal information, not legal advice. LEGALDIGM is not a law firm. Check the official source for the current text.
1. Als werkgever ten aanzien van de hulp van een thuiswerker, die doorgaans voor één opdrachtgever arbeid verricht, wordt aangewezen de opdrachtgever van die thuiswerker.
2. Als werkgever wordt niet beschouwd:
a. de natuurlijke persoon met wie of het lichaam met welk het optreden van de artiest is overeengekomen, voor zover het loon wordt betaald aan de persoon aan wie, of het lichaam aan welk door of vanwege de Minister van Financiën een verklaring is afgegeven dat hij ten aanzien van artiesten als inhoudingsplichtige is aangewezen:
b. de persoon aan wie of het lichaam aan welk de in onderdeel a bedoelde verklaring is afgegeven, voor zover het loon wordt betaald aan een ander aan wie zodanige verklaring is afgegeven.
3. De in het tweede lid, onderdeel a, bedoelde verklaring kan worden afgegeven aan:
a. de artiest die als leider van een gezelschap optreedt.
b. de leider van een gezelschap die, of het lichaam dat het optreden van artiesten overeenkomt.
c. degene met wie of degene door wiens bemiddeling het optreden van artiesten wordt overeengekomen.
Als werkgever van de topsporter die op grond van het in overeenstemming met Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport vastgestelde reglement van de stichting Fonds voor de Topsporter een periodieke uitkering als tegemoetkoming in de kosten van zijn levensonderhoud geniet, wordt aangewezen de stichting Fonds voor de Topsporter.
Voor de toepassing van de artikelen 1, 2 en 5 van het koninklijk besluit van 24 december 1986, Stb. 1986, 655 wordt buiten beschouwing gelaten de arbeidsverhouding van de persoon, die niet bij wijze van beroep als auteur of redactiemedewerker voor een uitgever werkzaam is.
Voor de toepassing van artikel 5 van het koninklijk besluit van 24 december 1986, Stb. 1986, 655, wordt buiten beschouwing gelaten de arbeidsverhouding van de persoon die
a. als bestuurder van een vereniging of stichting dan wel als commissaris van een vennootschap voor die vereniging, stichting, onderscheidenlijk vennootschap, werkzaam is, of
b. melkvervoer verricht op grond van een vervoersovereenkomst en die daarvoor een eigen vervoermiddel pleegt te gebruiken.
1. Artikel 3, eerste lid, van het koninklijk besluit van 24 december 1986, Stb. 1986, 655 vindt geen toepassing ten aanzien van de persoon die:
a. doorgaans op minder dan drie dagen per week werkzaam is voor een natuurlijk persoon ten behoeve van diens persoonlijke aangelegenheden, tenzij loon wordt verstrekt door degene, door wiens tussenkomst de arbeid wordt verricht;
b. bij wijze van arbeidstherapie werkzaam is.
2. Artikel 3, eerste lid, van het koninklijk besluit van 24 december 1986, Stb. 1986, 655 vindt, voor zover de Werkloosheidswet betreft, geen toepassing ten aanzien van de persoon die:
a. door tussenkomst of mede door tussenkomst van een supranationale, internationale of buitenlandse organisatie of instelling als stagiaire werkzaam is, indien hij buiten Nederland woont;
b. door tussenkomst van een openbare of van een van overheidswege gesubsidieerde onderwijsinstelling als stagiaire werkzaam is.
3. Voor de toepassing van de artikelen 3 en 5 van het besluit van 24 december 1986 (Stb. 655) wordt, voorzover het de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering en de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen betreft, niet als dienstbetrekking beschouwd de arbeidsverhouding van de persoon die werkzaam is om vakbekwaamheid te verwerven, onder wie mede wordt begrepen de persoon, die als leerling van een instelling van onderwijs praktisch werkzaam is, alsmede de persoon die aan een bedrijfsschool opleiding ontvangt.
Voor de toepassing van de artikelen 1, 2 en 3 van het besluit van 24 december 1986 (Stb. 655) wordt niet als dienstbetrekking beschouwd de arbeidsverhouding van de persoon die kinderopvang in een gezinssituatie biedt, die tot stand komt door middel van een gastouderbureau, overeenkomstig de modelcontracten die als bijlage bij deze regeling zijn gevoegd.
Voor de toepassing van artikel 5a, eerste lid, van het koninklijk besluit van 24 december 1986 (Stb. 655) wordt de arbeidsverhouding van degene die als sekswerker persoonlijk arbeid verricht niet als dienstbetrekking beschouwd indien aan de voorwaarden, bedoeld in artikel 2.2 van de Uitvoeringsregeling loonbelasting 2011, wordt voldaan.
Deze regeling berust mede op artikel 5a van het koninklijk besluit van 24 december 1986 (Stb. 655).
1. Het besluit van 26 februari 1981, nr. 50861 (Stcrt. 1981, 42), wordt ingetrokken.
2. Een verklaring afgegeven op grond van artikel 1, eerste lid, onderdeel b, onder 1°, van het in het eerste lid genoemde besluit, waarin begrepen een verklaring die op grond van artikel 5, tweede lid, van dat besluit als zodanig kan worden aangemerkt, wordt aangemerkt als een verklaring als bedoeld in artikel 1, tweede lid, onderdeel a, van dit besluit.
Dit besluit, dat met de daarbij behorende toelichting in de Nederlandse Staatscourant zal worden geplaatst, treedt in werking met ingang van 1 januari 1987.
Looptijd De overeenkomst wordt aangegaan voor onbepaalde tijd, ingaande op ...........
Vanaf ..... maanden na de ingangsdatum van de overeenkomst, hebben beide partijen het recht de overeenkomst door opzegging te beëindigen met een opzegtermijn van een maand.
De looptijd van de eerste periode is dus minimaal ..... maanden. Opzegging dient schriftelijk te geschieden. De termijn van opzegging gaat in vanaf de eerste van de maand opvolgend aan de maand waarin is opgezegd.
Wanprestatie Indien één van beide partijen, ondanks schriftelijk ingebrekestelling, niet aan zijn verplichtingen ingevolge deze overeenkomst voldoet, is de andere partij gerechtigd de overeenkomst zonder dat daartoe een rechterlijke tussenkomst is vereist, met ingang van de in de ingebrekestelling genoemde datum te beëindigen of te ontbinden, onverminderd zijn recht op nakoming en/of schadevergoeding te vorderen. Bij niet of niet tijdige betaling is het bedrijf de wettelijke rente verschuldigd, als bedoeld in artikel 119 jo 120, boek 6 van het Burgerlijk Wetboek, vanaf de zestiende dag van de maand waarin de betaling had moeten zijn ontvangen. Zowel de gerechtelijke als de buitengerechtelijke incassokosten zijn geheel voor rekening van de werkgever.
Administratiekosten Indien de werkgever de bemiddelingsprocedure wil beëindigen in de periode na de datum waarop het bevestigingsformulier bij de stichting is geretourneerd, echter slechts in het geval de stichting nog geen koppeling tot stand heeft gebracht, dan zal door de stichting f ..... (zegge: ..... gulden), exclusief BTW, administratiekosten bij de werkgever in rekening worden gebracht.
Aldus overeengekomen te
.............................................
Stichting Gastouderbureau
................................ ............................................
................................ ............................................
functie .......... functie
............................................
De werkgever
